TOELICHTING VOOR VERWIJZERS

Bij deze informeren we u over de start van Running Therapie in uw zorggebied. Hierbij is een wetenschappelijke beschouwing opgenomen van de effecten van lichamelijke inspanningen en hardlopen in het bijzonder. Allereerst geven we een overzicht van het doel van de loopgroep, de opzet, werving en verwijzing en het programma.

De naam Running Therapie legt het accent op ziekte en herstel. Wij hebben gekozen voor toevoeging waardoor versterking van een gezonde leefstijl beter tot uitdrukking komt. Dat is Loopgroep ‘de tevreden loper’.

Doel

  • Verbetering van de mentale gesteldheid
  • Verbetering van de lichamelijke gezondheid
  • Het geven van een aanzet tot blijvende leefstijlverandering door motivering, enthousiasmering en voortzetting van het hardlopen individueel of in clubverband

Middel

  • Informatieoverdracht gericht op het bereiken van motivatie en het integreren van het hardlopen in het leven
  • Accent op het ervaren van autonomie door hardlopen als tegenhanger van hulpeloosheid, afhankelijkheid en passiviteit die kwetsbaar maakt voor depressie en angst.
  • Beleving van authentiek leven door de vrijheid van het hardlopen
  • Het bewerkstelligen van groepsbinding

.

Verwijzers

Huisartsen, praktijkondersteuners ggz, psychologen in de regio.

Deelnemers

  • Patiënten vanaf 18 jaar met lichte en matige stemmingsklachten, somatoforme klachten, angstklachten en spanningsklachten. Deelname als ondersteuning van farmacotherapie en/of psychotherapie. Deelname als alternatief voor farmacotherapie en/of psychotherapie.
  • Patiënten die op het moment klachtenvrij zijn maar gevoelig zijn gebleken voor genoemde klachten.
  • Na overleg kunnen we besluiten tot deelname van patiënten die al flinke stappen hebben gezet in de behandeling van verslavingsproblematiek (alcohol, drugs, gamen en nicotine).

Locatie

Wordt nog bekend gemaakt

Start

Begin februari 2018

Kosten

Informatie volgt

Contra-indicaties

Ernstige cardiale stoornissen, ernstige COPD, ernstige motorische beperkingen, fors overgewicht, ernstige vermoeidheid door burn-out of anderszins (risico van adrenaline depletie), anorexia en psychose.

Effectmeting

Voor- en nameting met de SCL-90. Met de SCL-90  geeft een indruk van zowel de lichamelijke als de psychische gesteldheid.

Groepsgrootte

Maximaal 12 deelnemers begeleid door twee coaches met veel ervaring met hardlopen en begeleiding/behandeling van psychische stoornissen.

Voorwaarden

  • Sportschoenen (liefst hardloopschoenen). De hardloopwinkel Run2Day in Den Bosch geeft aan deelnemers 10 % korting op kleding en eenmalig 20 Euro korting op schoenen.
  • Gemotiveerd zijn om het programma af te maken.
  • Bereidheid om minimaal twee keer per week zelf te lopen.

Coaches

Harry Barendse (1949)

Sinds januari 2018 gepensioneerd. Heeft als gezondheidszorg psycholoog gewerkt in de specialistische ggz en in de generalistische basis ggz. Sinds ongeveer 1980 is hij gepassioneerd hardloper. Vanaf zijn 57e jaar neemt hij deel wedstrijden. Op zijn 65e liep hij zijn beste tijd op de marathon (3.29). Binnenkort voltooit hij een ronde hardlopen langs de grenzen van Nederland met een gemiddelde van 60 kilometer per dag.

Teun Geurts (1976)

Het liefst rent hij in de bossen en de bergen. Vond zijn authentieke zelf terug door het rennen in combinatie met psychosynthese. Heeft in 2012 de basisopleiding psychosynthese bij Centrum Psychosynthese Holland afgerond. In 2017 won hij de Legends Trail. Een race over 250 km in de Belgische Ardennen. Sinds 2017 is hij actief als trail- en ultrarunningcoach.

Programma

12 bijeenkomsten van ongeveer 2 uur. Iedere week een sessie bestaande uit vier delen: voortgang, theorie, training en evaluatie.

Voortgang (15 minuten)

Bespreking van de ervaringen en moeilijkheden in de voorgaande week. Bij trainings-technische vraagstukken geven de coaches gerichte adviezen. In het geval van motivatie gerelateerde vraagstukken worden de medelopers aangemoedigd om te reageren. Tijdens het lopen kan de coach het gesprek voortzetten.

Theorie (30 minuten)

Een cursorisch gedeelte van 20 minuten gericht op motivatie, het omgaan met moeilijkheden gerelateerd aan het hardlopen en het verwerven van kennis van het hardlopen. Praktische thema’s als opbouw van het hardlopen naar bijvoorbeeld een wedstrijd en trainingstechnieken, trainingsvormen en hartslagzones, voeding, kleding en weersomstandigheden, het voorkomen van en hanteren van blessures. De mens als hardloper vanuit evolutionair perspectief, hardlopen als aspect van authentiek leven, hardlopen en het effect op de fysieke gesteldheid (stress-systeem, long- en hartfunctie, motoriek en cognitieve functioneren), hardlopen en het effect op de mentale gesteldheid (stemming, stresshantering, slaap, enz.). Lokale hardloopfaciliteiten (loopgroepen en atletiekverenigingen).

Hardloopgedeelte (60 – 75 minuten)

Ervaring van hardlopen op asfalt en in de bossen. Overdag en in de avond.

Inlopen, loopscholing, hoofdprogramma bestaande uit diverse trainingsmethodes (interval, fartlek, enz.), uitlopen. Tijdens de training wordt uitgebreid in groepsverband en individueel aandacht besteed aan looptechniek.

Napraten (15 minuten)

Programma

Week 1: Kennismaking. Vertellen van loopervaring en de reden om deel te nemen aan de loopgroep. Oriënteren op een persoonlijke doel (het laatste maakt het mogelijk om tijdens het lopen een inschatting te maken van de haalbaarheid en de overarchievers en underarchievers te herkennen. Door bij te sturen hopen we drop-out verminderen. Door het tijdens het rennen individueel te bespreken kan het gedrag gegeneraliseerd worden naar andere levensgebieden en inzicht in de gevolgen gerealiseerd worden). Uitreiken van formulier om te monitoren: per week de tijd van rennen, de mentale gesteldheid voor en na het rennen, etc.

De eerste keer vnl. dribbelen afgewisseld met (uitleg over) belang van warming up, losmaakoefeningen, loopstijl, cooling down.

Week 2: De mens als duurloper. Evolutie mens en maatschappij. Het lijf is gemaakt om hard te lopen en te jagen door uitputting van de prooi. En de “hardloper” zit nu in de auto en achter het bureau. Wat zijn de gevolgen? Dat wordt besproken in de volgende sessies. Verwijzing naar literatuur en filmpjes op YouTube.

Uitleg trainingstechnieken. Indeling in groepen naar vermogen.

Week 3: Effecten van het hardlopen op lichamelijke gesteldheid. De aanpassing van het lichaam aan het hardlopen (vragen naar ervaringen nu). Bespreken van de verschijnselen die passen bij aanpassing voor de beginnende loper en gevorderde loper. Trainingsopbouw: trainingsvormen, intensiteit, rust en herstel, blessure preventie

Week 4: Effecten van hardlopen op de mentale gesteldheid. Genieten en plezier (hardlopen is niet afbeulen). Zelfbeeld, zelfwaardering en trots. Doorzettingsvermogen en vechtlust (zelfcontrole versus afhankelijkheid).

Week 5: Kleden, zichtbaarheid, drinken en eten.

Week 6: De invloed van lopen op het stresssysteem. Sympatische en parasympatische zenuwstelsel, de functie vroeger en de effecten in de huidige tijd. Hardlopen en stressreductie. En de risico’s van teveel en te hard trainen.

Week 7: Hardlopen en stemming. Persoonlijke ervaringen tot nu toe. Wat hardlopen doet (effect van (nor-) adrenaline op stemming, effect van endorfine, hardlopen en malen, prestatie en zelfbeeld, hardlopen en gevoel van autonomie, hardlopen en dagstructuur.

Week 8: Hardlopen en angst. Persoonlijke ervaringen tot nu toe. Wat hardlopen doet (effect van (nor-) adrenaline op de angst, effect van endorfine, prestatie en zelfbeeld, hardlopen en gevoel van autonomie en controle, hardlopen en piekeren.

Week 9: Hoe gemotiveerd te blijven? Moeilijkheden met de motivatie. Drempels en gemotiveerd blijven. Hardlopen deelmaken van de dagstructuur. Hardlopen leuk maken, uitdagingen zoeken.

Week 10: Hoe verder na de bijeenkomsten? Loopgroepen,  atletiekverenigingen of individueel verder. Wensen over nog te bespreken thema’s.

Week 11: Thema naar keuze (in week 10 naar gevraagd).

Weel 12: Afsluiting en voor iedereen een kleine beker/medaille.

Wetenschappelijke onderbouwing van Running Therapie

Het positieve effect van bewegen en inspanning op de lichamelijke gezondheid van de meeste mensen is gedegen aangetoond (Stubbs et al, 2015/2016). Vanaf het eind van de jaren tachtig zijn ook de effecten van lichamelijke inspanning op de mentale gezondheid beoordeeld. Meta-analyses van recente onderzoeksliteratuur tonen aan dat de effecten van beweging op stemmingsstoornissen, angststoornissen en stressgerelateerde stoornissen aanzienlijk zijn (Kvam et al, 2016; Stubbs et al, 2016/2017). De uitwerking is vergelijkbaar met die van farmacotherapie en psychotherapie. Het betrof zowel aerobische oefeningen (wandelen, rennen en fietsen) als non-aerobische inspanning (bijvoorbeeld krachttraining en gewichtheffen). Vanwege de gunstige effecten op depressieve stemming heeft de WHO aanbevolen om medicijnen en/of psychotherapie te combineren met bewegingsprogramma’s (WHO, 2017). Het aantal drop-outs van bewegingsprogramma’s voor mensen met een depressie ligt tussen de 15% en 21,5%. Dat is ongeveer even groot als bij psychotherapie en meer dan bij cognitieve-gedragstherapie (Stubbs et al, 2016). Vooralsnog is nog niet volledig duidelijk welke factoren daarbij een rol spelen. Drop-out is het minst wanneer de het bewegingsprogramma wordt begeleid door professionals die een specifieke training hebben gevolgd.

Een specifieke variant van behandeling is running therapie. De beschreven effecten komen globaal overeen met de boven beschreven resultaten van aerobe en non-aerobe inspanning (Kruisdijk et al, 2012. Bongers & Dijkerman, 2013). De tamelijk lyrische opvattingen over running therapie (Bakker & van Woerkom, 2008) worden getemperd door de vraagtekens die bij de effecten geplaatst kunnen worden (Houtveen, 2010). Sporten helpt tegen depressie en angst maar niet bij iedereen.

Vanwege de gunstige effecten is running-therapie als interventie opgenomen in de Richtlijn Depressie (Trimbos, 2013). Bij patiënten die zich aanmelden met een lichte depressie (niet-suïcidaal, niet-psychotisch), met een eerste episode die langer dan 3 maanden bestaat of een recidief, dient overwogen te worden running-therapie toe te voegen aan de basisinterventies.

Literatuur

Bakker, B. & Woerkom van, S. (2008), Running therapie; bewegen voor je (overbelaste) brein. Rainbow.

Bongers, A.C.M. & Dijkerman, T.J. (2013). Running therapie bij depressie: een systematische review. Psychologie & Gezondheid, 3.

Houtveen, J. (2010). Ren je rot. Psychologie & Gezondheid, 38, 5, 248-249.

Kruisdijk, F.R.., Hendriksen, I.J.M.,Tak, E.C.P.M., Beekman, A.T.F. & Hopman-Rock, M. (2012), Effect of running therapy on depression (EFFORT-D). Design of a randomised controlled trial in adult patients [ISRCTN 1894]. Public Health, 12:50.

Kvam, S., Kleppe, C.L., Nordhus, I.H. & Hovland, A. (2016), Exercise as a treatment for depression: a meta-analysis. Journal of affective disorders, 202, 67-86.

Schuch, F.B., Dunn, A.L., Kanitz, A.C., Delevatti, R.S. & Fleck, M.P. (2016), Moderators of response in exercise treatment for depression: A systematic review. Journal of affective disorders, 195, 40-49.

Schuch, F.B., Vancampfort, D., Rosenbaum, S. Richards, J., Ward, P.B. & Stubbs, B. (2016), Exercise improves physical and psychological quality of life in people with depression: a meta-analysis including the evaluation of control group response. Psychiatry Research, 241, 47-54.

Stubbs, B., Vancampfort, D., Rosenbaum, S., Ward, P.B., Richards, J. Soundy, A., Veronese, N., Solmi, M. & Schuch, F.B. (2016) Dropout from exercise randomized controlled trials among people with depression: a meta-analysis and meta regression. Journal of affective disorders, 190, 457-466.

Stubbs, B., Vancampfort, D., Rosenbaum, S., Firth, J., Cosco, T., Veronese, N., Salum, G. & Schuch, F.B. (2017). An examination of the anxiolytic effects of excercise for people with anxiety and stress-related disorders: a meta-analysis. Psychiatry Research, 249, 102-108.

Trimbos (2013), Multidisciplinaire richtlijn depressie, 3e revisie. https://www.ggzrichtlijnen.nl/depressie

WHO (2017), mhGAP Intervention Guide Depression. http://www.paho.org/mhgap/en/depression.html